Ixcán- Algemene Inleiding
Ligging en leefomgeving
Ixcán ligt in Guatemala, in Midden Amerika.
Ixcán betekent in het inheemse IXIL ‘mujer amarilla’, gele vrouw. Dit is toe te schrijven aan de vele malariagevallen in het gebied. Ixcán ligt in het departement El Quiché in het noorden van Guatemala. De gemeente ligt in het noordelijke deel van de provincie El Quiché. In het noorden grenst ze aan Mexico, aan de staat Chiapas, in het oosten aan de gemeenten Chisec en Cobán (Alta Verapaz), in het westen aan de gemeente Barillas (Huehuetenango) en in het zuiden aan Uspantán en Chajul (El Quiché).
Met zijn meer dan 70.000 inwoners, verspreid over een oppervlakte van 1575 km², is Ixcán de grootste gemeente van Guatemala. In politiek opzicht wordt zij vaak als provincie beschouwd.
De hoofdplaats, Playa Grande (ook Cantabal genoemd naar de rivier Cantabal) telt 6000 inwoners. Playa Grande ligt op 425 km van de hoofdstad en op ongeveer 120 km van Cobán. De weg tussen Cobán en Ixcán is voor het grootste gedeelte onverhard en in slechte staat.
Ixcán is vrij vlak met uitzonderingen in het zuidelijke en zuidoostelijke deel.
Het klimaat van Ixcán heeft de kenmerken van een vochtig, heet subtropisch klimaat. Temperaturen schommelen tussen 25 en 35 graden met een gemiddelde jaartemperatuur van 27 graden. De gemiddelde vochtigheidsgraad bedraagt 81%. De droge periode loopt van januari tot half mei, daarna volgt het regenseizoen.
Ixcán kent een tropische fauna. De grond wordt meestal gebruikt als weidegrond of bos. In 1965 was de regio in Ixcán bijna geheel bedekt met bos. Nu worden bosgebieden kaalgekapt. Zowel grote boeren als houtbedrijven zijn hiervoor verantwoordelijk. De gevolgen zijn groot. Het droge seizoen wordt langer en de regenval tijdens de natte periode wordt sterker. Bij gebrek aan oerwoud wordt het water niet vastgehouden en stromen de rivieren over.
Historiek
In 1964 verklaart de Guatemalteekse regering de Franja Transversal del Norte (noordelijke strook) tot ontwikkelingszone van Guatemala. Ixcán ligt centraal in deze noordelijke dwarsstrook. De regering schakelt de katholieke kerk in.
Een kolonisatieproces in Ixcán begint met de komst van arme, landloze boeren die van het hoogland komen. Zij krijgen toegang tot een perceel om te verbouwen en om een huis op te bouwen. Op deze manier kunnen zij een overlevings- (maar permanente) landbouw opzetten. De meeste boeren waren seizoensarbeiders aan de kust in het zuiden.
De eerste families komen toe uit de provincie Huehuetenango, van de etnische groepen Q’anjob’al, Chuj en Mam. Daarna komen K’iché, Kaqchiquel, Q’eqchí, Pocomchí en ladinos van andere provincies. Het kolonisatieproces wordt gepromoot door priesters van de Marycnolorde, die in Huehuetenango werken. De boeren verenigen zich in coöperatieven. Die hebben in eerste instantie een economische basis (opslaan en verkopen van landbouwproducten), maar oriënteren ook het sociale leven. Ze hebben een eigen bestuur. Steeds meer mensen trekken naar Ixcán in de hoop op een beter leven. De welvaart neemt toe. De bereikte groei is te danken aan het organisatieniveau van de bevolking voor de productie en het commercialiseren van exportproducten zoals de kardemomplant, kaneel, vanille en koffie.
Coöperaties zijn echter een doorn in het oog van de regering. Door middel van intimidatie en geweld proberen ze de solide basis van de landbouwers te ondermijnen. In 1972 komt een groep guerrillastrijders Ixcán binnen met een reeks beloften aan de bevolking. Sommige boeren sluiten zich bij de groep aan, anderen houden afstand.
In de jaren 70 begint het leger een antiguerrilla strijd in het gebied Ixcán. Er vestigt zich een van de grootste militaire basissen. Door onder andere psychologische oorlogsintimidatie wil het leger de guerrillero’s uitroeien. Er heerst een sfeer van wantrouwen en achterdocht tussen de bevolking. De politiek van geweld en willekeur bereikt haar hoogtepunt in 1975. Het volk begint zich te verzetten.
In 1982 begint het leger met zijn techniek van de ‘verschroeide aarde’. Iedereen die zich niet promilitair gedraagt, wordt bestempeld als guerrillero. Onschuldige boeren worden beschuldigd van verzet. Het leger organiseert civiele patrouilles en verplicht dorpelingen om de wapens te nemen tegen de guerrillero’s. Families worden uit elkaar getrokken. De ellende is onmenselijk. Boven elke gemeenschap hangt een geest van angst en wantrouwen. Verdwijningen, moorden en martelingen zijn onderdeel van het dagelijkse leven.
Mensen vluchten naar Mexico of naar het binnenland (Dorpen in Verzet, CPR). Anderen sluiten zich aan bij het leger of de burgerwachten.
Deze opsplitsing in sociale groepen, heeft tot op de dag van vandaag een enorme weerslag op Ixcán.
De bevolking kan tijdens het conflict opgedeeld worden in drie groepen:
-de ontwortelden (vluchten naar het binnenland of over de grens)
-de oorspronkelijke bevolking die zich in modeldorpen vestigt onder controle van het leger en de burgerwachten
-de burgerwachten
Heden ten dage vertaalt dat zich in :
-de teruggekeerden
-de blijvers
- de ex-pac (ex-burgerwachten)
Door de vlucht worden de gronden en huizen van de boeren en coöperaties vernield.
Vanaf 1993 begint de georganiseerde en officiële terugkeer. Op 20 januari begint de eerste massieve georganiseerde terugkeer naar het huidige “Comunidad Victoria 20 de enero”, symbolisch refererend naar de terugkeerDaarna beginnen de georganiseerde terugkeer- en pacificatieprocessen met de hulp van de internationale gemeenschap in coördinatie met de dienstdoende regering.
Op 29 december 1996 tekenen de regering van Guatemala en afgevaardigden van de URNG (Unidad Revolucionaria Nacional de Guatemala) voor een duurzame vrede, waarna een einde gemaakt wordt aan de 36 jaar durende interne strijd. De vrede staat op papier maar is nog niet omgezet naar de praktijk.
Ixcán wordt een onthaalzone waar gerepatrieerde, politieke vluchtelingen uit Mexico en het binnenland zich hervestigen. Er keren meer dan 10.000 mensen terug naar Ixcán.
De CPR is een van de laatste ongewapende civiele groepen die zich in het openbaar manifesteren. Zij worden pas in 1996 erkend.
Tegelijkertijd met de terugkeer van de ontwortelde bevolking, vestigen tal van NGO’s zich in Ixcán.
Ixcán als gemeente
Ixcán als regio maakte deel uit van de gemeente San Miguel Uspantán, maar door de socio-politieke druk die over de streek heerste, wordt het een officiële gemeente in 1985.
In 1986 wordt het recht op het herkrijgen van de grond, voor de getroffenen van het gewapende conflict, erkend. Dan begint het eigendomsprobleem tussen de vroegere eigenaars en de nieuwe mensen aan wie de grond is toegewezen. Gevluchte eigenaars kunnen hun grondbezit niet bewijzen en wonen vaak illegaal op hun eigen stuk grond.
Van 10 tot 16 mei wordt het Patroonsfeest gevierd ter ere van San Isidro Labrador, patroonsheilige van de boeren. Tijdens dit feest worden er sportactiviteiten, sociale en commerciële activiteiten en recent ook de landbouw- en visvangstkermis, waar boeren, handelaars en industriëlen hun producten kunnen tonen en verkopen, georganiseerd.
Politiek (2000- heden)
In 2000 wordt Marcos Ramírez verkozen tot burgemeester van Ixcán. Marcos is vertegenwoordiger van de CPR en lid van de toenmalige ANN (linkse partij, nieuwe Alliantie). Nationaal heerst de FRG (Frente Republicano de Guatemala), de extreem- rechtse partij van grootgrondbezitters en rijke industriëlen.
Op negen november 2003 trekt meer dan 60% van de stemgerechtigde bevolking van Guatemala naar de stembus. Zowel op nationaal als op gemeentelijk vlak vinden er verkiezingen plaats.
Nationaal:
Presidentskandidaat Ríos Montt speelt niet meer mee. Montt was fractievoorzitter (en de rechterhand van president Portillo) van het regerend Republikeinse Front (FRG). Hij eindigt, met een magere 11% van de stemmen, als derde. Dit is niet onbelangrijk gezien Ríos Montt verantwoordelijk geacht wordt voor de genocide in de jaren 80 tijdens zijn bewind. De ex-dictator is dan ook zijn parlementaire onschendbaarheid kwijt en riskeert nu zowel binnen- als buitenlandse processen voor zijn verantwoordelijkheid in de massamoorden tijdens het interne conflict.
Oscar Berger (GANA, Gran Alianza Nacional, rechts) wint de verkiezingen van de 'linksere' Alvaro Colom (UNE, Unidad Nacional de Esperanza, centrum rechts).
Ixcán:
In Ixcán gaan de verkiezingen gepaard met geweld . Marcos Ramírez van de URNG (Unidad Revolucionara Nacional de Guatemala), de linkse partij ontstaan uit de ex-guerilleros beweging, is herkozen met 308 stemmen meer dan de volgende partij, een partij van ex-burgerwachten.
Tijdens de laatste tellingen, trommelen de verliezende partijen, onder leiding van het rechtse FRG, mensen op om Marcos af te zetten. Zij willen de verkiezingsuitslagen vernietigen. Op de lokale radio worden doodsbedreigingen geuit en wordt Marcos beschuldigd van fraude en stemmenkoperij. De meute dringt de verkiezingslokalen binnen en dwingt de autoriteiten de stembiljetten te overhandigen. Ze worden publiekelijk verbrand in het park. Burgemeester Marcos duikt onder.
URNG, de winnende partij, start een gerechtelijk onderzoek om de verkiezingsformulieren geldig te laten verklaren. Mits onderhandelingen en steun van zowel nationale als internationale instanties kan Marcos aanblijven als burgemeester. Dit betekent dat Marcos zijn ambtstermijn voor vier jaar kan verderzetten.
Gemeentebestuur
De gemeenteraad bestaat uit 11 personen, waarvan 8 effectieven (hebben een titel en zitten de werkcommissies voor) en drie vervangers (die geen specifieke functie hebben maar een effectief lid vervangen indien nodig). Maken deel uit van de effectieven: de burgmeester, 5 schepenen en twee síndicos (hebben een bemiddelende en controlerende bevoegdheid).
Politiek-administratieve scheiding
Het gemeentebestuur bevindt zich in de hoofdgemeente Playa Grande, die territoriaal in vijf zones is georganiseerd. De gemeente is in 7 microregio’s georganiseerd.
Daarom is Ixcán één van de eerste gemeenten van de republiek die de nieuwe wet van maart 2002 aangaande de Raden van Stedelijke- en Plattelandsontwikkeling uitvoert.
Inspraak en burgerparticipatie
In Ixcán worden ‘gemeenschapsraden voor ontwikkeling (COCODE)’ opgericht in de gemeenschappen. Per microregio wordt een ‘gemeenschapsraad voor ontwikkeling op 2e niveau’ opgericht. Daarenboven werkt de gemeente op dit ogenblik aan de uitbreiding van de gemeenteraad voor stedelijke- en plattelandsontwikkeling (vroeger COMUDUR, nu COMUDE sinds de nieuwe regering) door de integratie van twintig gekozen vertegenwoordigers tussen de raden van 2e niveau.
In het kader van deze nieuwe instellingen heeft het gemeenbestuur een collectief raadplegings- en analyseproces ontwikkeld dat de bevolking en diens microregionale vertegenwoordigers ertoe gebracht heeft zijn visie op ontwikkeling in hun gemeenschappen te structureren en uit te drukken. Ook de gemeenteautoriteiten en de instellingen lid van het COMUDUR hebben hun ideeën bijgedragen.
De gemeenschappen en hun COCODE hebben hun eigen gemeenschapsplan voor ontwikkeling, de gemeenschapsraden van 2e niveau en de associaties van microregionale ontwikkeling beschikken over hun microregionale plan en de gemeente (georganiseerd in het kader van de COMUDE) beschikt over het huidige integrale ontwikkelingsplan 2003-2012. De gemeente, die dit proces begon en hiermee bijdroeg in zijn jurisdictie/ambtsgebied met het verwezenlijken van de Vredesakkoorden, zal zijn deel van het akkoord opnemen. Maar ook de civiele samenleving in het algemeen en de verschillende instanties waarin deze zich heeft georganiseerd, moeten dit doen, alsook de publieke en private instituties die in de regio middelen investeren die van buiten de gemeente komen.
Ambtenaren
Het gemeentebestuur telt zo’n 50 personeelsleden waarvan er een 30-tal binnen de administratie werken en een 20-tal in buitendienst.
De voornaamste diensten zijn:
Het secretariaat, de burgerlijke stand, de financiële dienst, de projectdienst (UTPM), de milieudienst en de technische dienst (chauffeurs, schoonmakers, waterverdelers en metsers). De best uitgebouwde diensten zijn de burgerlijke stand (4 medewerkers), de financiële dienst (4 medewerkers), en het secretariaat (3 medewerkers). De milieudienst telt slechts een persoon.
De laatste drie jaar is het personeelsplan gegroeid door de uitbreiding van nieuwe afdelingen, zoals dit het geval is van het Bureau van Public Relations (Alfredo), receptie en de OPM (UTPM), de gemeentelijke planningsdienst.
Gemeentediensten (website IXCAN)
Het gemeentebestuur van Ixcán biedt de bewoners de volgende basisdiensten:
Waterleidingen: Vanaf het spaarbekken van een kleine, nabije bron tot de hoofdgemeente wordt het water verdeeld, aan elke familie komt één uur per dag water toe, georganiseerd per distributiezones.
Gemeentemarkt: de bouw van een gemeentemarkt met 230 standjes is in uitvoering. Momenteel vindt de markt provisioneel plaats naast het gemeentehuis, met een gemiddelde van 125 commerciële standjes. De meerderheid van de handelaars zet hun handel elke dag opnieuw op.
Schoonmaak: de gemeente beschikt enkel over een vuilnisophaaldienst voor de markt tijdens de marktdagen, en voor het park.
Gemeentekerkhof: het gemeentekerkhof bevindt zich op een terrein buiten het geürbaniseerde centrum. Het is het bureau van de penningmeester die de betaling van de erfjes behandelt.
Gemeentezaal: de bevolking kan van deze zaal gebruik maken, vooral voor privé-feestjes, vergaderingen, bijeenkomsten, regionale, nationale, politieke en culturele evenementen.
Gemeentelijk cultureel centrum: dit gebouw werd aan de Gemeentecorporatie overhandigd vermits het door de Verenigde Naties werd gebouwd tijdens de periode van conflict. Op dit ogenblik is het gebouw verhuurd voor het houden van werkvergaderingen, opleidingsevenementen en voor bureaus voor instituties.
Gemeentelijk opleidingscentrum: het gebouw functioneert op dit ogenblik als een educatief centrum voor verschillende doeleinden. In het gebouw wordt er een botanische tuin ingericht, die zal dienen als een recreatieruimte maar ook als studieruimte voor de jongeren van Ixcán.
Maatschappij
Ixcán telt 70.000 inwoners die verspreid wonen over meer dan 175 gemeenschappen. De aanwezigheid van sociale en etnische groepen heeft een grote weerslag op de huidige maatschappij.
Gezondheidszorg
De gezondheidszorg in Ixcán is minimaal. Er is slechts een hospitaal, gevestigd in de vroegere militaire zone. Er werken 17 Cubaanse artsen. Zij trekken naar de meest geïsoleerde gemeenschappen. Kindersterfte is hoog. De voornaamste doodsoorzaken zijn infecties aan de luchtwegen, malaria, moeraskoorts en acute diarree. Behalve een gebrek aan medische verzorging en infrastructuur, kampt Ixcán met een groot drinkwaterprobleem.
Economie
De economie is bijna uitsluitend gebaseerd op landbouw. Er wordt op coöperatieve basis aan landbouw gedaan. De teelt van maïs primeert. Naast maïs worden rijst, bonen, koffie en kardemom geteeld. De meeste gewassenzijn voor de export bestemd.
De streek kent weinig industrie en toerisme is schaars. Het gemeentebestuur wil de gemeente wel aantrekkelijk maken voor toeristen en zoekt naar mogelijkheden om ecotoerisme uit te breiden. Het La Chua meer is een mooi voorbeeld van toeristische plek.
Conclusie
De samenleving en realiteit van Ixcán is complex. Om deze beter te begrijpen, wil ik 3 aandachtspunten benadrukken:
-Guatemala is een land waarin meer dan 500 jaar de bevolking onderdrukt werd door de koloniale machthebbers. Dit heeft uiteraard zijn weerslag op de huidige maatschappij en de mentaliteit van de bevolking. Ixcán in het bijzonder, is een gemeente die reeds sinds haar oorsprong gevoed is door donaties. In de jaren 60 richtte de kerk coöperaties op.
Na het interne conflict werd Ixcán het centrum van nationale en internationale instanties die tientallen ontwikkelingsprojecten opstartten om de bevolking te ondersteunen. Deze, vaak onbewaakte, geldtransfers werken een soort van passiviteit in de hand en maken verschillende belangengroepen afhankelijk. Bovendien zijn ontwikkelingsinitiatieven vaak van beperkte duur en wordt er weinig of geen opvolging aan gegeven.
-Ixcán is een jonge gemeente die een lange geschiedenis kent van migratie. Er wonen meer dan 14 verschillende etnische groepen wat betekent dat er 14 verschillende talen gesproken worden, naast het Spaans als voertaal. Ixcán is een ´melting pot´van verschillende culturen. Iedereen identificeert zich met een bepaalde groep en (h)erkent een bepaald netwerk. In deze multiculturele samenleving trachten de verschillende bevolkingsgroepen samen te leven. Dit heeft uiteraard ook zijn weerslag op het dagelijkse leven in de gemeente.
-Ixcán draagt vele littekens met zich mee van het recente oorlogsgeweld tussen 1960 en 1996. Momenteel leven verschillende slachtoffers van het intern conflict, door elkaar m.n. de zogenaamde blijvers, de mensen die naar Mexico gevlucht zijn en terugkeerden, de ex -burgerwachten en de mensen die intern op de vlucht sloegen, de zogenaamde ‘ontwortelden’.
De gewelddadige oorlog tekent een volk. Er is een enorm onverwerkt volkstrauma dat generatie op generatie wordt doorgegeven. Bovendien creëert deze sociale verdeeldheid een intern sociaal conflict, niet alleen tussen gemeenschappen, maar ook tussen individuen, soms binnen eenzelfde familie.